Hoe slechte therapie verkocht wordt aan trauma-slachtoffers

Onderstaand artikel over trauma-therapie heb ik, met permissie van de auteur Jonathan Shedler, vertaald uit het Engels. Het is verschenen in het gerenommeerde blad ‘Psychology today’ en valt natuurlijk onder copyright van de auteur. Het origineel is hier te lezen.

Hoe slechte therapie verkocht wordt aan trauma-slachtoffers

En waarom patiënten en therapeuten de nieuwe richtlijnen voor de behandeling van trauma moeten negeren!

De American Psychological Association (APA) heeft recent nieuwe richtlijnen uitgeschreven voor de behandeling van trauma-slachtoffers. Patiënten en therapeuten zouden er wijs aan doen deze richtlijnen te negeren.
De richtlijnen zouden gebaseerd moeten zijn op de beste wetenschappelijke inzichten van dit moment. Maar in feite negeren zij elke vorm van wetenschappelijk bewijs, behalve één specifiek soort onderzoek: kortlopend onderzoek gebaseerd op een steekproef met een controlegroep. De zogenaamde Randomized Control Trial, die ik in de rest van dit stuk RCT zal noemen.

Wat zijn RCT’s?

Bij een RCT neem je een steekproef van mensen die op basis van loting ingedeeld worden in een behandelgroep of een controlegroep. Dit soort tests is handig om bepaalde vragen te beantwoorden, zoals: ‘Is medicatie effectiever dan een suikerpilletje’. Andere vragen kun je op deze manier niet beantwoorden, zoals: ‘Hoe werkt medicatie eigenlijk? Wat is de ziekte? Wat zijn de oorzaken?’ Zonder zorgvuldige wetenschappelijke overwegingen kunnen RCT’s leiden tot domme conclusies.

Een voorbeeld van zo’n domme conclusie

Na het bekijken van een RCT, waarin flossen met niet-flossen werd vergeleken, concludeerden een aantal mensen dat er geen wetenschappelijk bewijs was dat flossen goed voor het gebit is. Maar flossen is typisch iets dat zijn vruchten pas afwerpt als je het gedurende langere tijd toepast, en de RCT volgde de patiënten maar gedurende een korte periode. In dit tijd vonden ze precies wat je zou verwachten: geen effect. Kennis over de voordelen van flossen komen uit andere bronnen: observaties van tandartsen van meer dan een eeuw en een begrip van het mechanisme.

Deze RCT onderzoekers richten zich op onderzoek dat makkelijk uit te voeren is, niet op studies die wezenlijke vragen over het flossen van tanden en kiezen zouden beantwoorden. Dat zouden ze zelfs niet kunnen doen, want een RCT onderzoek dat de langetermijneffecten van flossen zou bestuderen, zou betekenen dat men mensen zou moeten vragen om jarenlang hun tanden niet te flossen. Een dergelijk onderzoeksvoorstel zou de ethische toets van de instituten die hierover beslissen niet doorstaan.

De meeste wetenschap komt niet voort uit RCT’s

De ‘harde’ wetenschappen, zoals natuurkunde, scheikunde en astronomie gaan niet af op RCT’s. Geen astronoom in de geschiedenis van de mensheid heeft ooit een RCT gedaan. Toch hebben we steeds meer kennis over het heelal. Astronomen kunnen tot op de mili-seconde nauwkeurig, voorspellingen doen over een zonne-eclips bijvoorbeeld.

Toch lijkt het erop dat sommige mensen, vooral in de ‘zachte’ wetenschappen zoals sociologie en psychologie, ons willen doen geloven dat RCT’s de gouden standaard zijn als het gaat om wetenschappelijke kennis en dat al het andere genegeerd kan worden.

Dit is een misser van de bovenste plank en je hoeft geen academicus te zijn om te begrijpen waarom dit niet klopt.

Er zijn geen RCT’s geweest die hebben laten zien dat de zon tot een rood-verbrandde huid kan leiden, dat seks zwangerschap veroorzaakt of dat gebrek aan voedsel verhongering tot gevolg heeft. We weten dit, omdat we de oorzaak en gevolg relatie kunnen observeren en omdat we het mechanisme begrijpen. Ultraviolette straling beschadigt huidcellen. Seks zorgt ervoor dat sperma een eicel kan bevruchten. Mensen sterven zonder voedsel. Flossen verwijdert tandplak, waarin bacteriën huizen die de tanden en het tandvlees schaden.

Copernicus, Galileo, Darwin, Einstein, Niels Bohr, Marie Curie, Stephen Hawking

Wat hebben al deze mensen met elkaar gemeen? Geen van hen heeft ooit een RCT uitgevoerd.

De meeste wetenschappelijke kennis komt niet van RCT’s

Foute vragen geven foute antwoorden

Wat heeft tanden flossen te maken met de nieuwe richtlijnen omtrent trauma? Alles, zoals zal blijken.

Psychotherapie heeft tijd nodig. Het effect van psychotherapie zie je terug in een soort ‘dosis-effect’ curve. Het vraagt meer dan 20 sessies, ofwel ongeveer zes maanden van wekelijkse therapie, voordat zo’n 50% van de patiënten een, klinisch gezien, belangrijke verbetering ervaren. Na 40 sessies blijkt 75% van de patiënten een, klinisch gezien, belangrijke verbetering te ervaren. Deze cijfers zijn gebaseerd op een wetenschappelijke studie waarin meer dan 10.000 therapeutische casussen onder de loep genomen zijn, waarbij zowel gekeken is naar wat de therapeuten rapporteren als wat patiënten rapporteren over hun ervaringen met de therapie (voor verwijzingen naar deze onderzoeken, zie het originele artikel).

De RCT’s in de richtlijnen

De in de richtlijnen meegenomen RCT studies betreft alléén therapieën van 16 sessies of minder. Vaker waren het acht sessies of zelfs nog minder. Met andere woorden, de richtlijnen hebben alleen therapieën die bij voorbaat al onvoldoende zijn meegenomen in hun overwegingen.

Daarmee is het een vaststaand feit dat op basis van die RCT’s de richtlijnen alleen uit zouden komen op kortdurende, gestandaardiseerde vormen van Cognitieve Gedrags Therapie, omdat die volgens een stap-voor-stap instructie protocol uitgevoerd kunnen worden. Dat zijn de enige therapieën die geschikt zijn om te toetsen middels een RCT (zet dat af, voor contrast, tegen het bestuderen van patiënten die daadwerkelijk beter worden en wat hen heeft geholpen).

Meer dan een eeuw van wetenschappelijk onderzoek en klinische ervaring, wijst erop dat andere therapeutische benaderingen meer helpen. Maar deze kennis komt niet uit RCT’s en werd daarom genegeerd.

De richtlijnen zijn door onderzoekers voor onderzoekers. De belangen van patiënten en therapeuten zijn daarin secundair. De richtlijnen bestaan uit 675 pagina’s van minutieuze, complexe details over de gebruikte onderzoeksmethodiek en statistische analyse, met 537 pagina’s met tabellen en formulieren. Therapieën krijgen het predicaat ‘Hoog aanbevolen’, op basis van de methode waarmee ze bestudeerd zijn, niet omdat patiënten er beter van worden.

De waarheid in de marketing

‘Deze richtlijnen bieden het veld een aantal voordelen’, vertelt het APA ons. ‘Voor dienstverleners geeft het aanbevelingen … een snelle opsomming van behandelingen die hun nut hebben bewezen voor honderden of zelfs duizenden patiënten … Voor families bieden de richtlijnen heldere informatie over de beste behandelingen en wat je daarvan mag verwachten.’

Laten we eens een feiten-check doen om te zien hoe deze aanbevelingen zich verhouden tot de grootste en best uitgevoerde RCT waar de richtlijn op gebaseerd is. Deze RCT werd betaald door het Amerikaans Departement van Veteranenzaken van Defensie en werd gepubliceerd in het ‘Journal of the American Medical Association’. De RCT werd uitgevoerd met 255 vrouwelijke veteranen. Het meeste van hun trauma was niet aan gevechtshandelingen gerelateerd. Het meest voorkomende trauma was seksueel trauma, gevolgd in aantallen door fysiek trauma.

Van de patienten in deze studie ontving de helft één van de ‘hoog aanbevolen’ vormen van Cognitieve gedragstherapie (verlengde exposure therapie) en de tweede groep ontving een controle behandeling.

Dit is wat het onderzoek laat zien:

  • Bijna 40 procent van de groep die de Cognitieve gedragstherapie startte, stopte voortijdig met de behandeling. Ze brachten door hun weglopen hun stem uit over hoe bruikbaar het voor hen was.
  • 60 procent van de patiënten had, nadat het onderzoek afgerond was, nog steeds PTSS
  • Alle patienten waren gediagnosticeerd met een klinische depressie en bleven klinisch depressief na de behandeling
  • Bij de na-meting zes maanden later was de groep patiënten die Cognitieve gedragstherapie had ontvangen niet beter dan de controlegroep
  • Er vonden negentien serieuze ‘negatieve gebeurtenissen’ plaats tijdens de looptijd van de studie, waaronder zelfmoordpogingen en psychiatrische opnames
  • De auteurs van het onderzoek vertellen in hun conclusie dat de patiënten ‘mogelijk meer behandeling nodig zullen hebben dan in de relatief kleine aantal sessies die kenmerkend zijn voor een klinische RCT’

Ik heb dit onderzoek niet gekozen omdat het een slecht onderzoek is, integendeel, ik koos deze omdat het een van de beste onderzoeken uit de reeks is.

‘Heldere informatie over de beste behandelingen en wat je daarvan mag verwachten’ Werkelijk?

Het eerste beginsel: doe geen schade

Veel zorgverzekeraars maken onderscheid: ze verzetten zich tegen het betalen van psychotherapie. Het Amerikaans congres heeft wetten aangenomen die moeten zorgen voor ‘gelijkwaardigheid in psychologische zorg’ (waarmee je evenveel recht hebt op vergoeding voor fysieke als voor mentale gezondheidscondities), maar zorgverzekeraars doen er alles aan om hier onderuit te komen. Er zijn al heel wat rechtszaken over gevoerd, maar het verzet van de verzekeraars houdt aan.

Eén van de manieren waarop de zorgverzekeraars de wet omzeilen, is door patiënten naar de goedkoopste en kortste therapieën te sturen. Een andere manier is om therapie zo onpersoonlijk en ontmenselijkend te maken; dat de patiënt de therapie niet afmaakt. Zorgverzekeraars zeggen niet publiekelijk dat zij door economisch eigenbelang worden gedreven, in plaats daarvan claimen zij dat de behandelingen ‘evidence based’ zijn.

Het is erg genoeg dat de meeste Amerikanen onvoldoende verzekerd zijn, zonder dat ze ook nog eens gemanipuleerd worden om aan hun eigen waarnemingsvermogen te gaan twijfelen, door ze te vertellen dat inadequate therapie de beste therapie is.

De APA’s code van ethisch verantwoord handelen

De APA’s code van ethiek begint met: ‘Psychologen streven ernaar te handelen ten goede van hen met wie ze werken en zijn zorgvuldig om geen schade te berokkenen.’ APA heeft een eerbare geschiedenis, in het gevecht om goede zorg voor de patiënten te garanderen en op te staan tegen misstanden van de zorgverzekeraars.

Verblind door de RCT-ideologie heeft de APA per ongeluk een troefkaart in handen gespeeld van kwaadwillenden in de zorgverzekeringsindustrie.

Over de auteur

Jonathan Shedler, PdH is Clinical Associate Professor op de Universiteit van Colorado School of Medicine. Hij geeft nationaal en internationaal lezingen aan profesionals en geeft online supervisie en consultatie aan psychotherapeutische professionals wereldwijd.

Like zijn Facebook pagina als je hem wilt volgen

Notitie van de vertaler

De situatie in Amerika is redelijk vergelijkbaar met de situatie in Nederland. Ook hier wordt onder de vlag van ‘Evidence based’ alle discussie over wat goede therapie is gesmoord.

Een kwalijke zaak

Dat de meeste mensen niet beter worden van de zogenaamde ‘Evidence based therapieën’ is nog tot daaraan toe. Dat op basis van foutieve informatie en uitsluitend op basis van RCT’s beslissingen worden genomen, over het al dan niet vergoeden van bepaalde therapieën, vind ik een kwalijke zaak. Maar het wordt nog erger.

Als de trauma therapie niet werkt, zie ik victim-blaming!

Het meest kwalijke aspect vind ik dat als de therapie niet werkt, de patient/cliënt/klant de schuld in de schoenen geschoven krijgt. Als de kortdurende interventie niet werkt, wordt niet adequaat doorverwezen naar andere werkzame vormen van therapie. Therapieën die zoals hierboven beschreven en terdege onderzocht, doorgaans wél werken, al duurt het wat langer dan de korte op RCT’s berustende pseudotherapieën. In plaats daarvan doet men de klant geloven dat er iets mis is met hén. Dat het trauma te complex is, dat de patient ‘therapieresistent’ is of iemand wordt domweg ‘uitbehandeld’ verklaard.

Ik zou willen oproepen om deze waanzin te stoppen voordat er doden vallen, maar helaas, daarvoor is mijn oproep al te laat. Er zijn allang doden gevallen.

Mijn mening is gebaseerd op wat ik in mijn praktijk tegenkom, wat ik beluister in de verhalen van collega therapeuten en wat ik hoor van slachtoffers zelf.

Hoe gaat EFT om met herinneringen en herbelevingen?

Hoe gaat EFT om met herinneringen en herbelevingen

Emotional Freedom Techniques, kortweg EFT genoemd is een methode waarin je door middel van een serie klopjes op acupunctuurpunten, gevoelens verwerkt. Hoe gaat EFT om met herinneringen en herbelevingen, vroegen we Thérése Bravenboer.

Is hoe je omgaat met herinneringen wel een goede vraag?

Hoe je omgaat met herinneringen roept bij mij meteen de vraag op: ‘Moet ik er mee omgaan? De herinneringen zijn er toch? Moet ik daar wat mee?’

Werken met wat er nu is

In een sessie met EFT begin je altijd met het gevoel wat er nu is. Misschien ben je moe, of paniekerig, of heb je een zere schouder, of heb je gewoon geen zin. Met dat gegeven ga je aan de slag. Samen benoemen we het gevoel precies. Ondertussen klop ik op je acupuntuurpunten.

Herinneringen komen vanzelf boven

Het leuke van kloppen is dat er dan meestal een herinnering boven komt. Iets over waar het ontstaan is, of een vergelijkbaar gevoel dat je had als kind. Als het een heftige herinnering is, schiet je soms in een herbeleving. Of het nou een belaste herinnering is of een herbeleving, je kan er gelijk aan werken met EFT.

Werken aan het trauma

Ik benoem het gevoel, de emoties die er bijkomen. Ondertussen klop ik het EFT rondje, net zolang tot de emoties zakken en de gebeurtenis neutraal wordt. Als er ruimte en tijd voor is, gaan we door totdat de oude situatie zodanig kan veranderen dat de client de regie zelf weer in handen krijgt. Op dat moment is er vrede, vaak ook trots en blijdschap met het nieuw verworven inzicht.

Zo gaat EFT dus met herinneringen en herbelevingen om

Ik ga er dus wel degelijk mee om, met die herinneringen en die nare herbelevingen. Ik laat ze er zijn, tot op de bodem. Ik benoem ze zo precies mogelijk en voorzichtig plaatsen we ze samen in een ander perspectief. Dat is helen.

Protocollen, richtlijnen en handleidingen

Waar dienen handleidingen, richtlijnen en protocollen voor?

  • Wat is het doel van protocollen, richtlijnen en handleidingen?
  • Hoe werkt dat in de praktijk?
  • Wat heeft de klant er aan?
  • Wat doet het met jou als hulpverlener?

In deze blog een verduidelijking van de begrippen en welk doel ze dienen.

Een handleiding

Een handleiding is een setje instructies: ‘Als dit gebeurt, doe dan dat.’
Handleidingen werken heel goed bij elektronische apparaten, zijn daar zelfs vaak onontbeerlijk, maar werken minder goed als ze op mensen toegepast worden. Als je een thermostaat hoger zet dan de omgevingstemperatuur, dan zal de verwarming elke keer weer aanslaan. Waar een mens op aanslaat is een stuk minder voorspelbaar.

Een handleiding en de klant

Mensen werken niet volgens het ‘als/dan’ principe, je kunt ze niet voorspellen op basis van resultaten uit het verleden. Je kunt conclusies over hoe mensen werken ook niet van de ene persoon naar de andere kopiëren. Zoiets beweren als ‘Alle slachtoffers van seksueel misbruik reageren … op een bepaalde therapie’, is dan ook onmogelijk. Wat je hooguit kunt beweren, is dat een bepaald soort therapie voor bepaalde klanten goed blijkt te werken.
Dat is de betekenis van ‘evidence based’: Daarvan is bewezen dat voor een bepaald percentage van de klanten, therapie X goed werkt. Overigens moet je daar dan ook een bepaald, meetbaar, controleerbaar behandeldoel aan koppelen, wat niet altijd overeenkomt met het doel van de klant.

Een richtlijn

Het doel van een richtlijn is niets anders dan een bepaalde handelingswijze dringend voorschrijven. Een richtlijn wordt dan ook altijd van hogerhand bepaalt en als je als professional een bepaalde richtlijn krijgt, dan kun je daar wel van afwijken, maar dat moet je dan wel goed kunnen onderbouwen. Omdat een richtlijn richting geeft aan de behandeling, beknot het de vrijheid van de professional.

Een richtlijn en de klant

Je richting is bepaald: in geval A. doen we altijd therapie B. Het uitgangspunt van een richtlijn is de denkfout dat als therapie B. aanslaat bij klant X. die seksueel misbruikt is, dit ook zal werken bij klant Y. die immers ook seksueel misbruikt is. Daarbij wordt voorbij gegaan aan de meeste kenmerken van klant Y, die een compleet mens is, in plaats van alleen maar een ‘probleem’ namelijk ‘seksueel misbruik’. Daarnaast staat het dringend opleggen van een bepaald model van interventie haaks op een belangrijke ontwikkel-taak van de klant die seksueel misbruik heeft meegemaakt: zelf regie over zijn of haar eigen leven krijgen.

Een protocol

Een protocol is een dwingend handelingsvoorschrift waar je als professional niet van af mag wijken. Het protocol is er vooral om de professional te beschermen tegen mogelijke rechtszaken. Als het protocol maar gevolgd is, kunnen ‘ze’ je niets maken. Het is een voorbeeld van wat de Amerikanen CYA noemen: Cover Your Ass! Het doel van protocollen is dan ook het ten allen tijde vermijden van verantwoordelijkheid/ aansprakelijkheid. Jij wast je handen in onschuld.

Een protocol en de klant

Bij een protocol is de klant volledig buiten beeld geraakt. Een protocol is een mechanisme dat de organisatie, waarbinnen de therapeut functioneert, beschermt tegen negatieve consequenties van eventueel falen. Als het protocol gevolgd is,maakt het voor de organisatie en de rechtspraak niet meer uit wat er met de klant gebeurt. Of je klant doodongelukkig is met je behandeling, doet er in feite niet toe: jij hebt het protocol en dat heb je te volgen.

Hoeveel vrijheid wil je als professional?

Hoeveel vrijheid je als professional hebt over je eigen handelen ,veel te maken met de protocollen, richtlijnen en handleidingen waaraan jij je onderwerpt. Je krijgt er veel mee te maken als je binnen een organisatie werkt. Als zelfstandig ondernemer kun je er voor kiezen om je aan te sluiten bij een beroepsvereniging en heb je te maken met de richtlijnen voor het onderhoud van je professionaliteit. Kies je er voor om in vrijheid zelf je eigen manier van werken, samen met je klant, te bepalen, dan kun je rondkijken en zelf kiezen op welke manier jij je deskundigheid bevordert.

Vrijheid en de klant

Ik noemde al eerder dat de regie over je eigen leven krijgen, een belangrijke ontwikkeltaak is van mensen die seksueel misbruikt zijn. Voor mij hoort daar bij dat de klant zijn of haar eigen traject kan kiezen. In vrijheid kan kiezen voor een bepaalde vorm van begeleiding, ook als dat niet in een protocol, richtlijn of handleiding voorkomt. Die vrijheid is doodeng en de meeste klanten zullen dan ook in eerste instantie de voorkeur lijken te geven aan een therapeut die het heft in handen neemt. Mijns inziens is dat een doodlopende weg, die mensen onnodig lang afhankelijk maakt.

Vrijheid en de therapeut

Ook voor de therapeut is al die vrijheid soms ongemakkelijk, spannend en zelfs eng. Want de vrijheid om zelf de behandeling, in samenspraak met je klant, af te spreken, houdt ook in dat jij (mede) verantwoordelijk bent voor de gemaakte keuzes. Je kunt fouten maken. Dat is spannend en dan is het fijn als er iemand met je meekijkt. Iemand die weet heeft van de valkuilen in het werk. Iemand die je kan wijzen op jouw blinde vlekken. Iemand die jou kan spiegelen, wanneer je dingen niet helder meer ziet. Eén van de normen die wij aanhouden, voor hulpverleners die op deze site genoemd staan, is dat ze dát aspect goed voor elkaar hebben. Regelmatige intervisie is van groot belang bij het werken met zo’n kwetsbare en uitdagende doelgroep. Supervisie op het gebied van seksueel misbruik kan belangrijk zijn om speciale kenmerken van de doelgroep goed in de gaten te krijgen en te houden.

Feedback na lezing ‘Seksueel misbruik’ voor UvA studenten

Positieve feedback na de lezing

  • Prettig dat Ivonne zo persoonlijk vertelde
  • Leuk, een lezing van een ervaringsdeskundige
  • Goed, mooi, dapper en heftig ‘Ik heb veel respect voor Ivonne Meeuwsen’, goede spreker
  • Erg informatief, heel interessant ‘Ik ben wakker geschud’
  • Heel relevant, veel geleerd
  • Interactief, goede en uitgebreide antwoorden op de vragen
  • Veel nieuwe inzichten gekregen

Vooral een antwoord als ‘Ik ben wakker geschud’ doet mij natuurlijk goed. Het thema seksueel misbruik is zo belangrijk in de psychologische hulpverlening dat het mij blijft verbazen dat het niet in de opleiding zit. Ook ben ik trots op het commentaar dat ik ‘goede en uitgebreide antwoorden’ geef. Ik ben op mijn best, vind ik zelf, als ik vragen uit het publiek beantwoord.

Maar natuurlijk zijn er ook ‘tips’, opbouwende feedback

  • Wat sheets met cijfers omtrent seksueel misbruik zouden een goede toevoeging zijn, ook voor structuur in het verhaal zouden sheets prettig zijn
  • Definitie van seksueel misbruik bleef open: wellicht praten en denken we niet over hetzelfde
  • Ik miste theoretische onderbouwing / iets meer verhaal en minder vragen gewild
  • Onderbouwde kritiek over GGZ is oké, maar had minder eenzijdig en negatief gemogen
  • Miste informatie over het effect van seksueel misbruik op de familie rond het slachtoffer

Reactie op de tip: Sheets met cijfers

Ik geef mijn lezingen bewust zonder powerpoints en sheets. Alle informatie over de prevalentie van seksueel misbruik is online te vinden, het onderzoek van de nationaal rapporteur is een goede bron van feiten en cijfers. Wat ik genoemd heb zijn de cijfers uit haar rapport: 1 op de 3 meisjes en 1 op de 6 jongens maken seksueel misbruik mee vóór ze 17 jaar oud zijn.

Meer cijfers: als ik een sheet zou maken…

Stel je voor: je krijgt 7 euro per uur. Elk uur, dus 24 uur per dag.

Na een dag heb je dan 7 keer 24 euro. Dat is 168 euro. Elke dag…

Na een jaar heb je dan 365 keer 168 euro. Dat is 61320 euro. Elk jaar…

Na 16 jaar heb je dan 16 keer 61320 euro. Dat is 981.120 euro.

Dat is véél. Dat is heel veel…

Alleen zijn het geen euro’s. Het betreft aantallen slachtoffers van seksueel misbruik. In de komende zestien jaar, als het verleden een goede voorspeller is van de toekomst, worden bijna 1.000.000 kinderen voor het eerst seksueel misbruikt.

Elk jaar worden 62.000 kinderen voor het eerst misbruikt

Elke dag zijn dat er 170

Elk uur zijn dat er 7

In de tijd dat je dit zit te lezen is het er 1

Maar dat betekent allemaal niets

Cijfers op een beeldscherm zeggen niets als je je niet verdiept in wat het betekent. Wat betekent het om seksueel misbruikt te worden? Wat doet het met je zelfvertrouwen? Met je vertrouwen in anderen? Wat is de werkelijke impact van seksueel misbruik op een mensenleven? Op de korte termijn én de lange termijn?

Daarom vertel ik mijn verhaal, zonder deze sheets, maar persoonlijk. Zodat voelbaar wordt wat de impact is van seksueel misbruik. Op die éne. Die éne die straks voor jullie zit in je spreekkamer. Die misschien niet durft te spreken over seksueel misbruik. De woorden niet durft te zeggen. Die hoopt dat jij er naar vraagt zodat hij of zij alleen maar ‘ja’ hoeft te zeggen.

De inhoud van mijn lezing is niet de prevalentie van seksueel misbruik. Die cijfers veronderstel ik bekend of kun je online zelf opzoeken. De inhoud van mijn lezing is de impact.

Reactie op de tip: De definitie van seksueel misbruik bleef open

Ik heb een hele blog geschreven over de definitie van seksueel misbruik. Die kun je lezen op Gezond totaal.

De wet heeft een heel duidelijke en eenduidige definitie van seksueel misbruik: “Alle seksuele contacten tussen een kind en een volwassene is misbruik en strafbaar”.Ook tussen minderjarigen kan seksuele activiteit strafbaar zijn, als er leeftijdsverschil is, overwicht, fysiek of psychisch geweld, etc.

Maar in de woorden van Corinne Dettmeijer in het document ‘Op goede grond’: ‘Er is niet één vorm van seksueel geweld; elke handeling is anders, elk slachtoffer is anders, elke dader is anders.’

Mijn persoonlijke standpunt

Mijn persoonlijk standpunt over seksueel misbruik is dat het voor de hulpverlenerspraktijk niet uitmaakt of het wettelijk gezien onder seksueel misbruik valt, ernstig of minder ernstig. Het maakt niet uit of de handelingen voor de wet strafbaar zijn. De beleving van het slachtoffer is in de therapeutische ruimte het uitgangspunt en in de hulpverleningspraktijk dient dit dan ook leidend te zijn.

Reactie op de tip: ‘Ik mis de theoretische onderbouwing’

Mijn wedervraag is: Wat versta je onder theoretische onderbouwing? Gaat het hier om bewijsvoering? Ben je op zoek naar de wetenschappelijke inzichten op het gebied van seksueel misbruik?

Op zoek naar wetenschappelijke onderbouwing?

Helaas moet ik je teleurstellen. Er is heel weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan naar seksueel misbruik. In Nederland kennen we het prevalentie-onderzoek van Corinne Dettmeijer, dat ik eerder noemde. Over diagnostiek bij kinderen is onlangs voor het eerst een boek verschenen, ‘De wetende getuige’, van Anneke van Duin. Sietske Dijkstra, die het voorwoord voor mijn tweede boek voor haar rekening nam, heeft zelf ook een aantal publicaties over seksueel misbruik op haar naam staan.

En over de verwerking van seksueel misbruik dan?

Voor informatie over wat in de hulpverleningspraktijk werkt, moet je al snel uitwijken naar het buitenland. Of mijn beide boeken lezen. Het eerste (Helen van seksueel misbruik. Het trauma voorbij) geeft een helder overzicht over de korte en lange termijneffecten van seksueel misbruik. Het wordt gebruikt op de Hogescholen van Rotterdam en Amsterdam in de minor ‘Huiselijk en seksueel geweld’.
Het tweede boek (Hulpverlening na seksueel misbruik. Wegwijzer in Traumaland) voert casuïstiek aan over de hulpverleningspraktijk. Het geeft inzicht in wat wél werkt bij hulpverlening na seksueel misbruik, door zowel de hulpverlener als de klant aan het woord te laten over hun traject. Daarnaast belicht ik, naar aanleiding van de verhalen, telkens een bepaald thema uit de complexe signatuur van seksueel misbruik.

Reactie op de tip: onderbouwde kritiek op de GGZ is oké, maar had minder eenzijdig en negatief gemogen

Ik zou heel graag willen zeggen dat er in de GGZ veel goed werk wordt verricht op het gebied van seksueel misbruik, want de nood aan goede hulpverlening is hoog. Maar als ik dat zou beweren, zou ik het niet kunnen onderbouwen. Ik sta open voor succesverhalen van mensen die, binnen de GGZ, goed geholpen zijn met hun verleden van seksueel misbruik.

Eén van de belangrijkste problemen van de GGZ is dat het seksueel misbruik niet erkent als een bestaand probleem met een eigen signatuur. Het onderwerp zit niet in de opleidingen, het is geen diagnose. Hierdoor wordt seksueel misbruik onvoldoende herkend, geregistreerd (en erkend) en daardoor wordt het onzichtbaar in de GGZ.

Reactie op de tip: Miste informatie over het effect van seksueel misbruik op de familie rond het slachtoffer

Ik kom graag nog eens terug voor een lezing over het effect van seksueel misbruik op de omgeving. Een uur en een kwartier zijn veel te kort om alle in’s en out’s van seksueel misbruik te bespreken. In mijn eerste boek gaat het derde deel over de impact van seksueel misbruik op de omgeving, dat kan een bron van informatie voor je zijn.

Daarnaast nodig ik je van harte uit om je te abonneren op mijn e-Nieuws, waarin ik elke twee weken nieuws en informatie verspreid over alles wat met seksueel misbruik te maken heeft.

* indicates required



Email Format

View previous campaigns.


Als jouw kind seksueel misbruikt is

Wat doe je als jouw kind seksueel misbruikt is?

Jouw kind komt naar je toe en vertelt je…

  • Dat iemand aan zijn plasser heeft gezeten
  • Dat iemand haar ‘daar beneden’ gemasseerd heeft
  • Dat een man zijn piemel heeft laten zien
  • Of erger…

Je wereld vergaat.

  • Wat zijn dan goede mama vragen?
  • Wat is de juiste manier om als papa te reageren?
  • Waar kun je hulp vinden?
  • Wie kan je vertellen hoe je jouw kind hier doorheen loodst?

Een moment waarop je je niet kunt voorbereiden. Wat je ook doet en wat je zelf ook meegemaakt hebt, als jouw kind naar je toe komt met zo’n verhaal, dan ben je onvoorbereid. Het is waarschijnlijk een wonder dat je nog coherent antwoord geeft.

Zo’n verhaal komt niet vaak voor

Het komt helaas zelden voor dat een kind naar je toe komt met een helder verhaal over wat er is gebeurd. Dat is jammer, want seksueel misbruik komt schrijnend veel voor en het feit dat een kind er niet over praat, betekent nog niet dat het niet gebeurt. Voor elk kind dat vertelt over seksueel misbruik zijn er negen die, tot ver in hun volwassenheid, hun mond houden. Die het geheim zelfs soms mee hun graf in nemen. Het eerste wat je kunt doen is het kind een compliment geven: ‘Wat goed dat je het komt vertellen’.

Geef jezelf ook een groot compliment

Haal een paar keer diep adem en besef dat je het als ouder goed hebt gedaan. Het feit dat je kind naar je toe komt, betekent dat jij openheid hebt geboden, vertrouwen hebt verdiend. Het betekent dat jouw kind zich veilig voelt om naar je toe te komen, ook met dingen die het zelf moeilijk vindt. Ook als het tot geheimhouding gemaand wordt of zelfs bedreigd is, wat vaak voorkomt.

Stel jezelf de belangrijkste vraag

De belangrijkste vraag is niet: ‘Wat is er precies gebeurd?’
Natuurlijk komt er een tijd dat je wilt weten wat en hoe. Maar je kind zit voor je neus en heeft je nodig. ‘Wat heeft jouw kind op dit moment nodig?’ Dat is de vraag die vooraan moet staan, de belangrijkste vraag. Vaak weet je daar zelf ook het beste het antwoord op. Soms is het een knuffel, soms is het bevestiging. Het ene kind wil graag dat er onmiddellijk actie naar de dader volgt, het andere kind vindt dat juist afschuwelijk en wil vooral dat ze weer gewoon haar huiswerk kan doen. Eén ding hebben alle kinderen, die over seksueel misbruik vertellen, met elkaar gemeen: Ze willen dat het stopt!

Wat helpt kinderen seksueel misbruik verwerken?

Een stabiele en veilige thuissituatie is één van de meest helende omstandigheden voor een kind om te kunnen beginnen met verwerken. Een kind heeft er niets aan als jij in een traumareactie schiet. Schelden en agressie op de dader werken averechts, wekken in het kind soms zelfs de neiging om de dader te verdedigen. Soms trekken ze hun verhalen dan terug, omdat de consequenties hen erger lijken dan het misbruik. Het vreselijk vinden en in tranen uitbarsten is ook al geen handige zet, omdat kinderen van nature de neiging hebben om zichzelf overal de schuld van te geven en als jij instort hebben zij dat gedaan door het te vertellen. Dan gaan ze zeggen dat het niet zo erg was en gaan ze jou troosten, dat is niet wat ze nodig hebben. Helemaal niets doen is ook geen optie, want dan laat je je kind in de steek, terwijl het jou als volwassene heel hard nodig heeft.

Wat is de volwassen reactie op seksueel misbruik?

Wat is de volwassen reactie op seksueel misbruik bij je kind? Het is niet eenvoudig om daar eenduidig antwoord op te geven, maar ik ga zelf altijd uit van deze lijst, “de 5 B’s”

  1. Bescherming. Zo goed als binnen jouw mogelijkheden past, bied je het kind aan om het te beschermen. ‘Ik ga mijn best doen om er voor te zorgen dat dit niet meer gebeurt’ zou een passende belofte zijn.
  2. Bekrachtig dat het kind het goede heeft gedaan door het te vertellen. Dit kan je bijna niet vaak genoeg zeggen. Hoe trots je bent dat ze jou dit verteld heeft. Zeggen dat ze altijd met je mag praten, ook als het moeilijk is.
  3. Bevestig dat het kind geen schuld had aan wat er is gebeurd. Hardop zeggen dat het nooit had mogen gebeuren en dat het niet zijn/haar schuld is.
  4. Benoem wat het met je doet. Een kind merkt heus wel als je schrikt, boos wordt of hoe je ook reageert. Dat hoef je niet weg te stoppen, maar je moet er ook niet vanuit handelen. Het beste kun je benoemen wat het met je doet en vertellen dat je eerst eens goed moet nadenken over hoe je hiermee verder gaat.
  5. Blijf beschikbaar. Sommige kinderen laten proefballonnetjes op. Vertellen een relatief klein incident om de stemming te peilen. Bereid je voor op mogelijke uitbreiding van het verhaal en luister ernaar. Soms trekken kinderen hun verhalen in, omdat ze bang worden voor de consequenties van het vertellen of voor sancties van de dader. Blijf beschikbaar.

Kom er op terug

Je hoeft niet alles in één keer op te lossen, maar kom er wel op terug. Bespreek met je kind wanneer je er op terug komt en zorg dat je dat uit jezelf doet. Als jij er niet op terugkomt, dan blijft het kind er in zijn of haar eentje mee zitten. Denk niet te gemakkelijk ‘Ze is er wel overheen’ of ‘Hij is veerkrachtig’. Wat er uitziet als veerkracht kan gemakkelijk een overlevingsmechanisme zijn waarmee hij of zij zich staande weet te houden, maar waaronder een wereld van trauma schuilgaat. Het is belangrijk dat jouw kind zo veel mogelijk therapeutische ervaringen* opdoet. Zo voorkom je, deels, de lange termijn effecten van seksueel misbruik.

*Bruce Perry – Neurobioloog en psychiater, in zijn boek: De jongen die opgroeide als hond.

 

Gezien worden, gehoord worden (Symposium workshop deel 2)

Gezien worden, gehoord worden (workshop symposium deel II)…

Onderstaande tekst is van Monique Amber. Ik heb deze, voor de leesbaarheid (en duiding), van kopjes voorzien. Samen met haar psychologe Margreet Krottje gaf zij tweemaal een workshop aan hulpverleners waarin zij deze tekst voordroeg.

Het verhaal van Monique Amber: Gezien worden, gehoord worden

Ik wil graag hier de tekst plaatsen dat ik heb voorgelezen tijdens het symposium. Het is helaas een klein beetje aangepast, door bepaalde details weg te laten en ik heb zelf daarvoor in de plaats een regel toegevoegd over mijn gevoel. Er is mij gevraagd dit te doen, omdat wat eenmaal op internet staat, blijft daar ook voor altijd.

Privacy van anderen respecteren

Niet iedereen gaat respectvol met andere mensen om. Ik kan dit heel goed begrijpen en daarom kom ik mijn ouders grotendeels tegemoet. Ons contact is nu namelijk goed en ook ouders zijn helaas niet perfect. Mijn ouders hebben fouten gemaakt en hebben mij hiervoor erkenning gegeven.

In oude pijn geraakt

Deze aanpassingen hebben mij wel iets gekost. Het niet volledig open mogen schrijven over mijn ervaringen thuis, raakt mij in een diepe wond. Namelijk in het moeten zwijgen. En dat terwijl ik net een beetje begin open te gaan en mijn stem begin te krijgen. Ik heb gisteren in therapie een lange huilbui gehad, waarbij mijn lichaam trilde, schokte, knarsentande en klappertande. Mijn rug en nek doen daardoor nu nog zeer. En het huilen is nog steeds niet over. Een grote schoonmaak dus…

Mijn tekst van tijdens het Symposium: Wat wel werkt!

Ik ben seksueel misbruikt door mijn opa vanaf ongeveer mijn vierde t/m mijn veertiende jaar. Ik was vaak als eerste wakker en dan was ik in bed aan het spelen met Tuffy, mijn knuffelbeertje. Als ik mijn opa hoorde lopen in de gang, werd ik heel bang. Ik hield dan mijn laken en deken heel stevig vast, aan de bovenkant met mijn handen en aan de zijkant met mijn voeten. Als hij mijn kamer op kwam begon hij altijd te praten over al wakker zijn enzo. Hoe stevig ik het ook vasthield, hij trok mijn laken en deken zo los en sloeg ze open. Hij deed mijn nachthemd omhoog en mijn onderbroek omlaag. Hij kwam daar met zijn hand en zijn mond.

Dissociatie

Ik was dan al weg. Ik was dan bij het geluid van mijn oma, die de tafel dekte. Als hij klaar was zei hij altijd dat ik opa’s lieve meisje was en dat ik het niet aan oma mocht vertellen. Het gebeurde overal waar hij maar alleen kon zijn met mij en ik kreeg er altijd stiekem geld voor. Toen ik ouder werd en me van boven begon te ontwikkelen, pakte hij me vaak plotseling achterlangs van boven vast. Of hij versperde me de weg en zoende me op mijn mond. Toen het misbruik stopte gaf hij me drie nieuwe vijf gulden muntstukken en zei dat hij niet wist dat ik het erg vond.

Therapie bij Margreet Krottje

Ik heb nu net iets langer dan een jaar therapie bij Margreet Krottje en dit werkt absoluut. Anders zou ik niet op het symposium zijn en voorlezen voor een groep mensen.
Het eerste dat ik leerde, is dat je na misbruik de deur naar je gevoel sluit. Dat is om te kunnen overleven. Deze deur moet weer open om te kunnen leren leven. ‘Ga maar ademen en dan voelen wat je voelt’ zei Margreet. Want ook ademen is lastig. Mijn adem zit altijd heel hoog. En door diep te ademen, kom je in contact met je buik en dus met je gevoel.

Verdriet, pijn, schaamte, angst en (af en toe) boosheid

Eerst kwam er heel veel verdriet en pijn. Al gauw werd ook de schaamte en de angst zichtbaar. Boos is er af en toe en dan is er nog de verwarring. Want, mijn hoofd heeft van alles verzonnen om te kunnen overleven. Zoals zwart-wit denken. Als iets of goed, of fout is, is er houvast. Als iets grijs is, dan wordt het al gauw eng.

De angst breidt zich uit

Angst is bij mij iets dat zich enorm heeft kunnen uitbreiden. Ik was als kind al heel jong bang, door wat mijn opa deed. Eenmaal weer thuis wist ik door het dissociëren niks meer van het misbruik. Maar, er was wel angst. Voor school en voor sporten bijvoorbeeld. En voor het naturisme van mijn ouders vanaf mijn zevende. We gingen opeens naar een naturistenstrand en naturistenvereniging. En daar moest ik me dan uitkleden en helemaal naakt zijn tussen allemaal naakte mensen. Ik wist niet waar ik kijken moest, zo eng vond ik het. En ik wilde zelf ook niet gezien worden. Mijn thuissituatie was vanaf mijn tiende ook niet stabiel meer, omdat mijn ouders openlijk aan partnerruil gingen doen en vanaf mijn dertiende gingen ze met deze mensen in een vrijstaand huis in de polder wonen, met een grote tuin.

Onveiligheid in de thuissituatie

Door het naturisme schaamde ik me kapot als ik vrienden mee naar huis nam. De partnerruil maakte dat ik dingen zag die voor mij heel naar, angstig en verwarrend waren. Mijn slaapkamer lag tussen hun slaapkamers in. Ik heb dingen gehoord die ik niet wilde horen en die mij erg angstig maakten. Dan hield ik mijn oren dicht en probeerde ik zo in slaap te vallen. Ik verlangde zo naar een normale thuissituatie. Ik voelde me heel erg eenzaam en in de steek gelaten en later ook heel erg boos.

(Op verzoek van en uit loyaliteit voor mijn ouders heb ik de details (die ik op het symposium wel heb voorgelezen) over dit alles verder weggelaten.)

Er komen steeds meer angsten bij

Alle scholen en sociale contacten waren moeilijk en dat bracht ook angst met zich mee. Mijn moeder ontdekte dat mijn opa mij misbruikt had toen ik veertien was en bagatelliseerde het. Daar schrok ik zo van, dat ik dichtklapte en me terugtrok in mezelf. Ik voelde me in de steek gelaten. Van mijn opa moest ik zwijgen. En om te kunnen overleven ging ik helemaal zwijgen. Dus ook in het dagelijks leven. Ik zei en vroeg niks vanuit mezelf. Dat kon ik ook niet, want angst haalde de woorden weg. Door de gehele dag te dissociëren hield ik het vol.

Schaamte, ik voel me vies en slecht

Als puber kreeg ik moeite met mijn lichaam. Dat is schaamte. Ik voelde me vies en slecht. Ik voelde me dom en lelijk en een buitenaards wezen. Dat maakte me erg onzeker en ik kreeg een enorm minderwaardigheidsgevoel. Al die gevoelens van angst, schaamte en een diepe pijn, maakten dat ik me de hele dag verdrietig voelde. Nergens kreeg ik liefdevolle, veilige aandacht. Nergens kreeg ik begrip. Door meerdere mensen werd ik in de steek gelaten. Ik voelde me heel erg eenzaam en altijd alleen onder anderen.

Alles heel diep wegstoppen

Dit alles stopte ik weg. Dat weet ik nu pas, nu ik dat geleerd heb in therapie bij Margreet. Toen begreep ik niet wat er aan de hand was, wat er allemaal in mij gebeurde. Ik wist alleen maar dat ik het niet voelen wilde, dat het niet te dragen was. Ik verdoofde het door te eten. Ladingen chips en drop. En vanaf mijn vijftiende ontdekte ik de alcohol en daarna het blowen. Vanaf mijn achtiende dronk ik iedere avond om te verdoven. In de loop der jaren had ik hiervoor steeds meer drank nodig. Dit heb ik zo ongeveer 13 jaren gedaan. En het emotie-eten ging ook door. En zo ontwikkelde ik mijn obesitas.

Nieuwe angsten en mijn wereld wordt kleiner

Tijdens de zwangerschap, bij de bevalling en na de geboorte van mijn zoon kreeg ik weer met nieuwe angsten te maken. Ik weet niet of ik toen een soort depressie had. Ik weet wel dat het niet goed ging. Volgens mij ben ik toen begonnen met vermijden. Ik deed niks meer en ging nergens in mijn eentje heen. Ik leefde binnenshuis en keek veel tv. Ik kwam alleen buiten als het moest. Bijvoorbeeld om mijn zoon te brengen en halen van school. Op het schoolplein ervaarde ik dezelfde angst als toen ik zelf op school zat. Ik kon niet mee doen met de conversaties. Mijn hoofd was leeg en ik keerde naar binnen. Nog meer redenen om te vermijden, zodra dit mogelijk was. En zo heb ik jaren gevochten om te overleven.

Had ik toen geen therapie? Natuurlijk wel.

Dit is nu mijn zevende therapie. De eerste twee keren was toen ik 15 of 16 was. Mijn lerares Nederlands had dit voor mij geregeld bij de Riagg (dit heet nu Parnassia Bavogroep, zoiets). De eerste twee keren bracht ze mij en ging ze mee naar binnen. De therapeuten en zij spraken en ik zweeg. De derde afspraak moest ik alleen. Dat was voor mij zó eng, dat ik niet ben gegaan. En zo eindigde beide therapieën zeer snel en was ik weer alleen. De derde therapie was bij een maatschappelijk werker van Stichting Pro Juventute. Hij hielp een vriendin van mij heel goed en zo ben ik bij hem terecht gekomen.

Zwijgen

Op algemene vragen gaf ik kort antwoord, verder heb ik het gehele therapiejaar gezwegen. Ook zijn dappere poging om het contact tussen mijn ouders en mij te herstellen mislukte. We stopten de therapie en wederom was ik weer alleen. Februari 1992 kreeg mijn opa longkanker. Ik was toen 17 jaar. Ik durfde niet bij hem op ziekenbezoek. Niemand begreep dat. Een week voor zijn sterven ben ik bij hem geweest. Hij lag thuis op bed. Ik moest alleen de slaapkamer in om afscheid te nemen. Ik was zo verschrikkelijk bang. Ik moest hem beloven dat ik dat schooljaar niet zou blijven zitten.
Zo bizar, want alle keren dat ik al was blijven zitten, was eigenlijk zijn schuld. Een week later, 18 mei 1992, was hij dood.
Ondertussen ging het thuis slecht. Ik ging wel over dat jaar. Ik ging bij een vriendin in Rotterdam wonen. Op school stortte ik regelmatig in. Dan begon ik zomaar te huilen in de klas. Op een dag was ik zo ontroostbaar. Twee leraressen probeerden mij te helpen. Maar, ik huilde alleen maar. De leerlingenbegeleider regelde toen therapie voor mij bij de Riagg. Februari 1993 kon ik daar terecht. Ik moest er alleen heen en dat was zó eng. Gelukkig had ik om een vrouw gevraagd. Wel, zij sprak en ik zweeg en dissocieerde.

Schrijven

Toen gaf ze mij een schrift. Thuis mocht ik daar in schrijven en de volgende week moest ik dit dan meenemen. Zij las dan wat ik geschreven had en dan ging ze het daar over hebben. Het duurde heel lang eer ik een beetje begon te praten. Ik sprak kleine beetjes over school, vrienden en mijn ouders, maar nooit over mijn opa. Ik heb ongeveer 7 schriften volgeschreven. Ik had zeven jaren individuele therapie. Het hielp me door mijn schooltijd en studie heen en door de situatie bij mijn ouders thuis. Ik leerde om oogcontact te maken. Ik leerde dat verdoven met alcohol zelfdestructief was, maar dat kon me niks schelen. Op een gegeven moment kregen mijn ouders een eigen therapeute die hun zou helpen om contact te krijgen met mij. Ik woonde toen weer thuis. Ze gingen daar een aantal keren heen.
En toen ze klaar waren, zei hun therapeute dat ze nu op mij moesten wachten totdat ik naar hun toe zou komen. Dat was niet goed, want ik was daar veel te angstig en boos voor. Ik wachtte juist op mijn ouders, dat ze me eindelijk begrip, aandacht, veiligheid en liefde zouden geven. Er veranderde niets en dit vergrootte mijn woede en de afstand.

Verbroken belofte

Op een gegeven moment begon mijn therapeute over Emdr. Ik vond het goed. Op datzelfde moment begonnen ze een nieuwe groepstherapie voor meisjes die dissocieerden. Mijn therapeute ging dat samen met een mannelijke therapeut leiden. Het was de bedoeling dat ik in die groep kwam en daarnaast zou ik dan nog individueel Emdr krijgen. Ik ging daarmee akkoord. De groepstherapie begon en ik kreeg geen Emdr. Ik durfde er niks over te zeggen. Na twee jaren, toen ik voor de zoveelste keer aangaf dat ik iedere ochtend opstond met een zwaar gevoel, noemde een groepsgenote mij een zeikerd. Mijn therapeuten zeiden dat ik een kussentje van mijn verleden op schoot vasthield en dat ik dat nu maar eens moest wegleggen. Toen gaf ik aan dat ik nooit de beloofde Emdr had gehad. Zij ontkenden dat beloofd te hebben. Ik zou wel gedissocieerd hebben. Maar, ze hadden dit echt wel gezegd en dit was heel gemeen van ze. Ik kon ze niet vertrouwen. Ik kreeg een oefening mee naar huis. Ik moest iedere dag 5 goede en slechte gevoelens met gedachten opschrijven. En zo moest ik mijn misbruikverleden verwerken. En toen eindigde de groepstherapie. Ik deed net alsof het goed ging met me, opdat zij met een goed gevoel mijn dossier konden sluiten. En ik was weer alleen.

Alternatieve therapie: eindelijk een beetje begrip

Na een half jaar ongeveer begon mijn vijfde therapie. Dit was alternatief. Ik kwam bij een vrouw met een praktijk aan huis voor regressie-, reïncarnatie- en gestalttherapie. Bij haar vond ik voor het eerst in mijn leven begrip. Net zoals bij iedere therapie, vroeg ook zij steeds hoe ik me voelde. En net zoals altijd, gaf ik als antwoord dat ik het niet wist. Dan moest ik van haar gaan voelen waar in mijn lichaam ik iets voelde. Dat was dan altijd in mijn borst. Op het moment dat ik dit dan aangaf, kwam er een woord in mijn hoofd. Vaak was dit pijn. Als ik dit dan zei, kwamen de tranen. Ik heb dus heel veel gehuild bij haar en dat was goed. Dat hielp. Ik kon niet praten over mijn opa, maar wel een beetje gaan voelen. Ze liet me ook heel veel tekenen. Aan het einde van mijn therapie kickte ik op eigen kracht af van de alcohol. Dat de therapie klaar was merkten we, omdat ik overal zelf antwoord op kon geven.

Beter, maar nog steeds in de overleving

Daarna leek het een poos goed te gaan. Maar, eigenlijk was ik nog steeds aan het overleven en al gauw merkte ik dat ik het niet redde in mijn eentje. Mijn grootste probleem was intimiteit. Dat ging steeds mis. Aan het begin van mijn huwelijk had ik seks alsof ik een robot was. Ik deed het omdat het moest en onderging het tot het klaar was. En ‘s avonds was het makkelijk, want dan was ik compleet verdoofd en ongeremd door de alcohol.

Sjamanistische therapie

Maar, ik dronk natuurlijk niet meer en toen kwam de angst en de schaamte. Ik voelde me vies en slecht. Ik durfde zelf niks te doen. Ik nam geen initiatief en wachtte dus altijd af.
Ik vond weer een alternatieve therapie bij een sjamanistisch geschoolde vrouw. Bij haar heb ik geleerd dat ademen belangrijk is. Ik heb leren herkennen wanneer ik dissocieerde en ontdekte dat ademen en oogcontact maken hielp om terug te komen.

Wat niet werkt!

Een uur zwijgen en alleen maar aangekeken worden werkt niet. Ik was zo bang. De therapeuten van de Riagg hadden mij gerust moeten stellen. Dat ze begrepen dat ik heel bang was. Dat ze me gingen helpen met praten. En dat we eerst maar eens over makkelijkere dingen gingen praten. Dan was ik niet weggebleven de derde keer. Zeggen dat je het verleden nu maar eens los moet laten werkt niet. Ik had nog nooit over het misbruik kunnen praten, hoe kon ik het dan verwerkt hebben? Fouten maken en daarover liegen werkt niet, want dat beschadigt het vertrouwen.

Schrijftherapie helpt

Schrijven, zoals toen in een schrift en zoals nu per mail, dat werkt wel. En zelf heb ik dit jaar ontdekt dat het helpt om dat wat ik schrijf in therapie voor te lezen. En in mijn therapie nu krijg ik de ruimte om aan te geven wat ik wil doen. Dus lees ik voor en bespreken we de gevoelens en dergelijke die daarbij vrij komen. Zo kan ik eindelijk over mijn misbruikverleden vertellen en leer ik mijn stem te gebruiken. Het is heel belangrijk om zelf te mogen bepalen wat ik wil doen in therapie. Ik weet alleen niet te verwoorden waarom. Ik krijg heel veel uitleg en dat helpt om alles te kunnen begrijpen, hoe het werkt en waarom. Het is fijn om daarbij echte voorbeelden te krijgen. Dat is een bepaalde vorm van begrip en vertrouwen denk ik.

Ademen helpt. Oogcontact helpt.

Ademen helpt om gevoel dat vast komt te zitten in mijn lichaam, weer te laten stromen. Het helpt samen met oogcontact om uit de dissociatie te komen. En vooral het oogcontact is daarbij heel belangrijk. Wederom weet ik niet uit te leggen waarom.

Weg met de professionele afstand

En dan is er nog de professionele afstand. Het is zo akelig eenzaam als je tijdens de therapie huilt en je hulpverlener blijft geheel zakelijk tegenover je zitten. Getroost worden werkt helend en daar is een manier voor die ik niet verwoord krijg, maar het werkt. Als je hulpverlener ook menselijk is, geeft dit heel veel vertrouwen. En dat is nodig om jezelf te laten zien en alles te kunnen delen. Het maakt het veilig.

M. A.

Monique Amber

Wat te doen bij negatieve ervaringen met een therapeut?

Het gebeurt: negatieve ervaringen met therapeutengescheurde grond, foto bij negatieve ervaringen therapie www.fotografieagnes.nl

Een negatieve ervaring met een hulpverlener of therapeut is nooit eenvoudig. Een therapeut ziet je op je meest kwetsbare moment. Het moment dat je hulp nodig hebt. Dat betekent dat de integriteit van een therapeut erg belangrijk is. Als je therapeut een grens overschrijdt kan hij of zij (terecht) aangeklaagd worden. Seksueel contact tussen een therapeut en cliënt is tijdens de therapie verboden en strafbaar. Maar ook na de therapie is het schadelijk en de meeste beroepsverenigingen hanteren hier een verbod op met een richtlijn van een half jaar tot twee jaar na het afsluiten van de therapie.

Gebeurt er echt iets ontoelaatbaars?

Wanneer er sprake is van seksueel contact tijdens de therapie-periode dan is de therapeut strafbaar en kun je aangifte doen. Vind het seksueel contact pas na afloop van de therapie plaats dan kun je geen aangifte doen bij de politie. Je kunt het wel melden bij de beroepsvereniging. Wanneer je een formele klacht bij hen neerlegt kan dat betekenen dat hij of zij geroyeerd wordt.

Wat als het meer een kwestie van incompetentie is?

Naast integriteit heeft een therapeut ook nodig dat hij of zij een goede inschatting kan maken van zijn eigen kunnen en niet kunnen. Therapeuten lijden nogal eens aan zelfoverschatting en dat is voor jou als klant niet handig. Mensen begeleiden is een vak apart. Hieronder zal ik een paar valkuilen benoemen waar een therapeut in kan lopen. Daarna kijk ik naar hoe je kunt handelen als jouw therapeut in zo’n valkuil zit.

De therapeut lost jouw problemen op

Tot op zekere hoogte proberen alle therapieklanten om het probleem aan de therapeut te geven. Als jouw therapeut je probleem wel voor op wil lossen is het mis. In plaats van empowered te worden, raak je dan je eigen kracht juist kwijt. Je komt niet bij een therapeut om iets te laten repareren, het is geen garage. In therapie leer je, als het goed is, om je problemen zelf aan te pakken. Je kunt in een veilige setting oefenen met de dingen die jij moeilijk vindt. Als de therapeut jouw probleem oplost, wordt je in feite beroofd van een leermogelijkheid.

Seksueel misbruikte mensen zijn zielig

Doordat seksueel misbruik zo raakt en zo ingrijpend is in een mensenleven, is het voor sommigen verleidelijk om mensen die seksueel misbruikt zijn ‘zielig’ te gaan vinden. Heel eerlijk: bij tijden doen we dat ook zelf, ik net zo goed. Zelfmedelijden is af en toe best lekker om je in te wentelen, maar het is zeker geen levensstijl die de moeite waard is. Als een therapeut je zielig gaat vinden, hoeft hij of zij je niet meer serieus te nemen. Dat is een manier om afstand te houden en dan gaat de therapie niet werken, want juist in het contact ontstaat de heling.

Met seksueel misbruik heb je levenslang

Als je therapeut er van overtuigd is dat helen niet mogelijk is, dan zal hij/zij daar ook niet met je naar toe werken. Sterker nog, in plaats daarvan probeert je therapeut jou ervan te overtuigen dat je ‘er maar mee moet leren leven’. Dat je ‘er altijd last van zult blijven houden’. Bij een dergelijke therapeut zul je alleen betere trucjes leren om te overleven. Dat kan nuttig zijn, maar je zult niet uit de overleving komen, niet tot volle bloei komen.

Een heilig geloof in hun therapie

Ongeveer 90% van alle therapeuten denkt dat hun methode beter werkt dan gemiddeld. Dat kan helemaal niet natuurlijk, want logisch gezien kan maximaal de helft van alle therapieën beter dan gemiddeld werken. Zeker 40% van deze therapeuten heeft het dus mis. Wanneer je therapeut overtuigd is van zijn of haar eigen gelijk ‘mijn methode is het beste’ raak jij als klant buiten beeld. Als jouw therapeut in deze valkuil zit en de therapie werkt niet voor jou, krijg jij in het ergste geval daarvan de schuld. Want de therapie werkt, dus moet er iets met jou mis zijn, is de theorie. Dat is niet waar, alle therapieën werken bij een percentage van de klanten en bij de rest gewoon niet.

Je therapeut is niet klaar met zijn of haar eigen proces

Seksueel misbruik kan ook een therapeut diep raken en dat is zeker niet verkeerd. Raken en geraakt worden, is waar het bij helen van seksueel misbruik over gaat. Een therapeut die er niet door aangedaan raakt is ook niet fijn. Maar als je therapeut nog te veel in zijn of haar eigen proces zit, dan kan hij of zij je niet goed helpen. Een therapeut moet zijn of haar eigen problemen bespreken met collega’s of bij intervisie, niet met jou als klant.

Wat moet je nou doen als je therapeut in een valkuil zit?

Wanneer je ziet dat je therapeut in een van deze valkuilen zit, is het eerste wat je kunt doen een gesprek aangaan over wat je ziet. Als je het probleem bespreekbaar maakt en je therapeut kan inzien en erkennen wat er gebeurt, dan heb je een goede te pakken. Waarschijnlijk kun je dan ook met elkaar verder. Maar wat doe je als je therapeut de fout niet ziet, het niet met je eens is, of zich niet in je verhaal herkent?

Je mag altijd vragen om een andere therapeut

Wanneer je één van de bovenstaande problemen signaleert, mag je altijd vragen om een doorverwijzing of zelf op zoek gaan naar een andere therapeut. Het zijn stuk voor stuk problemen die voortkomen uit onwetendheid of zelfs gebrek aan professionaliteit. Jij hebt recht op een therapeut die jou optimaal kan helpen. Een therapeut die in één van deze valkuilen zit en dat zelf niet ziet, ook niet als jij het benoemt, die wil je niet.

Laat je niet overtuigen: als het niet klopt voor jou, klopt het niet

Ik hoor wel eens van mensen die om een andere therapeut hebben gevraagd en dan te horen krijgen ‘Probeer het eerst nog een poosje’ of ‘Kijk het nog even aan’. Daarmee krijg je eigenlijk te horen dat ze je niet serieus nemen. Neem zelf je gevoelens wél serieus en laat je niet met een kluitje in het riet sturen. Jij bent de expert van je eigen leven en van je eigen trauma. Als jij voelt dat het niet klopt voor jou, dan klopt het niet.

Het is niet jouw schuld

Laat je niet aanleunen dat je zelf schuldig bent aan waarom de therapeutische relatie niet werkt. Je hoeft ook niet eens de therapeut af te vallen. Soms zit een therapeut bij de ene klant in zijn valkuil, terwijl hij/zij bij de ander prima werk verricht. Soms is de klik er gewoon niet. Hoe het ook is, het is niet jouw schuld als het niet werkt. Dat is een veelvoorkomende vorm van ‘victim blaming’ en daar hoef je absoluut niet in mee te gaan.

Je bent niet aan het shoppen!

Shoppen is een negatief geladen term waarmee iemand wordt aangeduid die van de ene therapeut naar de ander gaat, omdat hij of zij eigenlijk niet beter wil worden. Maar dat is niet wat je aan het doen bent toch? Jij bent de expert van je eigen trauma. Jij weet beter dan wie ook wat je nodig hebt om te helen. Je hebt recht op de beste therapeut en therapie. Als je een negatieve ervaring heb met je huidige therapeut, dan zoek je er één die beter bij je past. Als dat shoppen heet, dan ben ik shopaholic. Ik heb meer dan tien therapeuten gehad, allemaal anders, allemaal belangrijk op dat moment in mijn leven. Het is belachelijk om te denken dat één therapeut zo’n diversiteit aan problemen kan behappen.

Negatieve ervaringen met een therapeut van deze site?

Bij negatieve ervaringen met een therapeut van deze site, kun je op de klachtenprocedure lezen hoe wij daar mee om gaan.

Hulpverlening na seksueel misbruik. Wegwijzer in Traumaland

Een wegwijzer in Traumaland

hulpverlening na seksueel misbruik, cover boek Wegwijzer in Traumaland

Waar kun je informatie vinden over de hulp na seksueel misbruik? Allerlei bronnen spreken elkaar tegen, sommige lijken meer een reklamebord dan echte informatie. Hoe verwarrend is dat? Wie vertelt je wat er precies gebeurt bij de verschillende therapieën?

Hulpverlening na seksueel misbruik

In dit boek geef ik een toelichting bij acht verschillende therapievormen. Daarnaast vertellen therapeuten over hoe hun soort therapie werkt, waarvoor het goed werkt en wat hun ervaringen zijn met klanten die seksueel misbruik hebben meegemaakt. Niet alleen de therapeuten komen aan het woord. Van elke therapeut komt ook een klant aan het woord over hoe zij de therapie hebben ervaren. Als laatste licht ik er nog een thema uit en geef daar de achtergrondinformatie van.

Een wegwijzer in het woud van therapiesoorten

Ik heb voor acht heel verschillende therapievormen gekozen omdat ik ervan overtuigd ben dat een therapiesoort bij je moet passen om goed te werken. Ik heb de therapeuten gevraagd om te vertellen hoe zij werken, concreet en aan de hand van een voorbeeld. Het resultaat is een boekje dat een licht te laat schijnen op acht verschillende vormen van therapie. Zodat je, als je hulp zoekt, niet blind in het duister hoeft te tasten. Helen is immers al ingewikkeld genoeg.

Voor wie schrijf ik dit boek?

Eigenlijk zijn er twee groepen mensen die iets aan dit boek kunnen hebben: Hulpverleners en lotgenoten/overlevers. De eersten omdat ze in dit boek een naslagwerk hebben over de ins en outs van diverse therapievormen en hoe die werken bij klanten met een seksueel misbruik geschiedenis. Voor de lotgenoten/overlevers is het een inkijkje in diverse therapieën, hoe die werken en wat je kunt verwachten.

Niet compleet zonder ervaringsverhalen

Een boek over seksueel misbruik is niet compleet zonder ervaringsverhalen. Toch denk ik niet dat mensen zitten te wachten op ‘wat er allemaal precies is gebeurd tijdens het misbruik’. Dat is belangrijk om te vertellen, voor jezelf, voor je eigen proces. Bijvoorbeeld in lotgenotencontacten of in therapie. Wat veel interessanter is, in elk geval voor mensen die hulp zoeken of willen bieden: hoe gaat zo’n proces van heelwording in zijn werk. Welke stappen neem je daarin en welke therapieën gebruik je daarbij hebt. Ervaringsverhalen dus, maar vooral over de therapieën!

Voorlopige conclusies uit de interviews

Hieronder de voorlopige conclusies uit de interviews die ik met diverse hulpverleners heb gehad. De interviews met hun klanten moet ik nog doen, dus wellicht komen daar nog verrassingen uit. Maar dit is wat goede therapeuten moeten kunnen, volgens therapeuten:

  1. Echt zijn. Alleen dan is echt contact mogelijk en alleen als er echt contact is kan er heling plaatsvinden.
  2. Niet bang zijn voor hevige emoties: verdriet, boosheid, angst: alles wordt uitvergroot door seksueel misbruik.
  3. Als het er op aan komt, vindt heling plaats op het spirituele (zingevings-) niveau, dus daar moet je toe bereid zijn.

Verrast? Ik niet. Volgens mij gaat in de meeste gevallen het trauma van seksueel misbruik zo diep, dat alleen een diepgaand proces van innerlijke heelwording volstaat om werkelijk te helen. Is dat voor iedereen weggelegd? Ik denk dat iedereen het kán, maar ik denk ook dat niet iedereen er voor zal (kunnen) kiezen. Het is geen gemakkelijke weg.

Koop het boek hier

Hulp na seksueel misbruik: ‘Wat wil jij?’

Wat wil jij?

Bij iemand die seksueel misbruikt is, is de belangrijkste vraag die een therapeut kan stellen misschien wel: ‘Wat wil jij?’ Dat is een vraag die ons veel te vaak níet is gesteld, in sommige gevallen zelfs nog nóóit is gesteld. We hadden immers niets te willen. Het is ook een vraag die wij onszelf soms nog nooit hebben gesteld. Veel slachtoffers ervaren het als een moeilijke vraag. ‘Jij bent toch de therapeut, waarom pak jij de regie niet?’

Tijdens de intake wordt duidelijk wie de regie heeft

De intake is een heel belangrijk onderdeel van de hulpverlening bij seksueel misbruik. Daar wordt bepaald wie de regie pakt, óf jij als klant het voor het zeggen heeft, of dat de therapeut zijn stempel zet. Als de therapeut bijvoorbeeld één voorstel te doen over de werkwijze, zonder daar jouw input bij te vragen.

Volgzaamheid is een valkuil

Wanneer jij de therapeut volgt, in plaats van andersom, heeft de therapie bij voorbaat al weinig kans van slagen. Zelfs als er positieve resultaten geboekt worden, zijn deze veelal tijdelijk. Want als je volgt blijf je leiding nodig hebben.

Vindt je het moeilijk om de regie te pakken?

Als je de regie nog niet kunt pakken, wat veel voorkomt bij seksueel misbruik, dan is het de taak van de hulpverlener om jou daarbij te helpen. Dat kan een therapeut op verschillende manieren doen:

  • het aantal keuzemogelijkheden beperken zodat het overzichtelijk wordt
  • informatie geven over de keuzemogelijkheden
  • helpen onderzoeken wat bij jou past

Helpen kiezen door de keuzemogelijkheden te verkleinen

‘We kunnen twee keer per week een uur, of één keer per week twee uur doen’ is een voorbeeld van hoe je de keuzemogelijkheden beperkt. Of: ‘Hoe vaak wil jij een afspraak? Eén of twee keer per week?’ Op die manier wordt het overzichtelijk. De vraag is niet meer heel breed: ‘Hoe wil je begeleid worden’, maar er zijn keuzes te maken waar jij je iets bij voor kan stellen.

Helpen kiezen door informatie te geven

Wanneer een hulpverlener een divers aanbod heeft, dan helpt het als de therapeut je verschillende aspecten van de diverse werkvormen vertelt. Meer algemeen geldt: Je kunt kiezen tussen: ‘direct werken aan en met het trauma’ of ‘vanuit het hier en nu, kijkend waar je het meeste last van hebt’. Het helpt ook als de therapeut de verschillende werkvormen die zij als hulpverlener in huis hebben toelichten. (zie ook de ‘wat is … blogs’ op deze site)

Helpen zoeken wat bij jou past

Als je het werkelijk niet meer weet kan de therapeut je helpen vinden wat bij je past. Ben je creatief? Sportief? Sociaal? Meer een denker? Waar heb je op dit moment het meeste last van? Hoe ga je daar nu mee om? Je kunt in de voorbereiding op een intake zelf ook al veel doen. Download bijvoorbeeld het stappenplan.

Helpen kiezen uit verschillende therapeuten

Ook als een therapeut jou niet zelf kan helpen, kan deze je toch door je te verwijzen naar een collega. De therapeuten op deze website bijvoorbeeld, die verstand hebben van seksueel misbruik. Bij een zo levensbrede problematiek als seksueel misbruik, heb je zelden aan één therapie en één hulpverlener genoeg.

Mocht je er met het stappenplan en al deze informatie niet uitkomen, overweeg dan een keuze-consult met Ivonne Meeuwsen.

10 dingen die helpen na seksueel misbruik

Mijn top 10 dingen die helpen

bloem voor bij blog over 10 dingen die helpen bij seksueel misbruikNaast hulpverlening of misschien soms zelfs in plaats van :), kun je een aantal dingen doen die jou helpen met je verleden van seksueel misbruik om te gaan. Op deze website vind je diverse hulpverleners die hulp bieden na seksueel misbruik. Kijk gerust of er iemand voor je bij zit. 

Je hebt niet voor alles therapie nodig

Niet voor alles heb je therapie nodig. Je kunt ook een heleboel dingen zelf doen. Hieronder vind je mijn persoonlijke top 10 van dingen die helpen na seksueel misbruik, allemaal dingen die mij op enig moment geholpen hebben. Heb jij ook zo’n top 10?

1. Praat er over met iemand die je vertrouwt

Erover praten is één van de beste manieren om een heftige gebeurtenis een plekje te geven. Als je fiets gestolen is dan is dat het eerste wat je vertelt als je een vriend of vriendin ziet: ‘Wat me nou overkomen is…’ Eigenlijk is het raar dat we dat bij een verkrachting of bij seksueel misbruik niet zo gemakkelijk doen. Ik ben pas gaan praten, toen ik bij een soap-serie (as-the-world-turns) ‘Lily’ hoorde vertellen over haar verleden met seksueel misbruik. Ik had voor die tijd geen idee dat je er over kón praten!

2. Ga een creatieve cursus doen

Teken en schilderen, kleien of beeldhouwen: een creatieve cursus kan een manier zijn om dingen te uiten waar je (nog) geen woorden voor hebt. Ik ging op mijn 19e naar de vrije academie. Ik wist toen nog niet dat wat ik had meegemaakt seksueel misbruik was. Maar ik had wel een heleboel emotie uit drukken. Ik maakte kleine surrealistische pentekeningen van mensen die afgeschild werden of voor de helft uit mechanische onderdelen bestonden. Later, tijdens mijn eerste therapie, ging ik schilderen. Heftige portretten, expressief en duister. Het hielp mij om op die manier iets uit te drukken, wat ik nog niet kon zeggen.

3. Maak een ritueel voor jezelf

Rituelen kunnen je helpen om dingen een plek te geven. Wat mij persoonlijk erg hielp als het moeilijk was, is gewoon een kaars branden. Ik heb een setje ‘innerlijk kind’ kaarten en een set ‘medicijn kaarten’. Als ik even niet goed weet wat ik moet doen, dan trek ik een kaartje en dat geeft meestal een positieve impuls, waarmee ik weer verder kan.

4. Ga Candy Crush spelen

Wat?! Candy Crush? Jawel. Of Tetris of een ander spelletje waarbij je patronen moet maken. Spelletjes die ik altijd leuk heb gevonden om te doen, vooral als ik veel had om over na te denken. Ik word er rustig van. Uit een recent onderzoek is gebleken dat dit erg goed kan werken tegen sommige verschijnselen van PTSS. Toen ik dat onderzoek las was ik erg blij: had ik eindelijk een legitieme reden om die spelletjes te spelen. Het werkt ongeveer net zo goed als EMDR en om dezelfde reden: Je bent afgeleid terwijl je aan heftige dingen denkt.

5. Zoek ontspanning in het gezelschap van anderen

Het is ook fijn om met anderen samen te zijn en dingen te doen, die nergens over gaan. Activiteiten die gericht zijn op ontspanning: Gezelschapsspelletjes, samen wandelen, winkelen of een keer een kop koffie in de stad: het normale leven. Want niet alles hoeft altijd om seksueel misbruik te draaien.

6. Lees een boek

Wat ik altijd leuk vind zijn boeken over inspirerende mensen. Vroeger al, las ik de biografieën van bijvoorbeeld Vincent van Gogh of Michelangelo. Tegenwoordig kies ik vaker voor levensverhalen van mensen die bijzondere dingen hebben meegemaakt of tegenslagen te verwerken hebben gekregen. Natuurlijk kan je ook gewoon een roman lezen of wat je maar voor boeken leuk vindt, om even te ontspannen.

7. Doe iets voor iemand anders

Niets helpt zo goed om je eigen ellende te vergeten, als iets goeds doen voor iemand anders. Dat hoeft niet ingewikkeld of groot te zijn. Luisteren naar iemand die even een vriendelijk oor nodig heeft. Al in het begin van mijn therapie ging ik op internet, op diverse fora en ‘praatte’ daar met mensen die het moeilijk hadden met seksueel misbruik. Ik heb daar zelf ook veel hulp gekregen.

8. Verwen jezelf

Of het nou met voedsel is, met een nieuwe aanschaf of je neemt een warm bad. Jezelf verwennen is heerlijk, maar niet vanzelfsprekend. Ik vond het altijd gemakkelijker om anderen te verwennen. Maar wat je voor anderen kunt, kan je ook voor jezelf doen. Niet iedereen heeft natuurlijk een bad, maar een ouderwetse rubberen kruik koop je al voor 4 euro, gaat jaren mee en het is heerlijk om een warme kruik op je buik te leggen. Dat hoeft echt niet alleen als je (menstruatie)pijn hebt. Gewoon voor het lekker is ook oké. Tegenwoordig geef ik het vaak op als huiswerk, aan mensen die voor coaching bij me komen. Bij Bol.com hebben ze trouwens een kruik in een knuffel. Hoe gaaf is dat?

9. Zet je favoriete muziek op

Maak eens een lijst van muziek die je raakt, die jou kracht geeft of waarbij jij in tranen raakt. Geweldig als afspeellijst in youtube of spotify. Deel jouw favoriete nummer met anderen. Vertel erbij waarom het jou zo raakt. Muziek heeft me echt door een paar hele moeilijke momenten heen geholpen. Ik heb daar eerder over geschreven in de blog: ‘I want to live’.

10. Ga op zelfverdediging, karate of een andere vechtsport

Wanneer je seksueel misbruikt bent, dan krijg je vaak het gevoel dat je machteloos bent. Dat je je niet kunt verweren. Ik heb twee jaar op dameskarate gezeten, om te leren hoe ik mijzelf kan verdedigen. Daarna heb ik een bokszak gekocht om zelf op te oefenen. Ik heb, zeker toen ik in therapie was, heel vaak tegen die zak staan slaan en schoppen. Het heeft me geholpen om op die manier mijn boosheid te uiten. Vaak als ik dan uitgeput was, kon ik huilen en weer een stukje van mijn pijn helen.

Dit is mijn top 10

Dit is mijn lijst van 10 dingen die kunnen helpen. Ze hebben mij geholpen, door de jaren heen, en veel van deze dingen zijn gewoon onderdeel van mijn leven gebleven. Ik speel nog steeds Candy Crush, in de winter slaap ik met een warme kruik (met knuffelhoes) en af en toe sla ik nog steeds tegen mijn boksbal. Alleen nu doe ik het vooral voor de lol.

Welke dingen helpen jou?