Ik mag mijn eigen route uitstippelen
over regie pakken in de behandeling na seksueel misbruik
“Als dat jou dat een goed idee lijkt, dan kunnen we dat doen”
“Jij mag kiezen, jij bent de therapeut, jij hebt ervoor geleerd”
“Ik weet niet wat mij kan helpen, daarvoor zit ik nu hier bij jou, jij bent de expert”
Dit zijn zinnen die regelmatig klinken in mijn behandelruimte. Misschien herken je ze en klinken ze ook weleens in jouw behandelruimte.
Deze zinnen lijken te getuigen van vertrouwen in de therapeut, maar voor overlevers van seksueel misbruik bevatten ze vaak een andere kern.
Wie ben ik
Ik ben Janneke van der Veen-Pul en in mijn werk als beeldend therapeut bij Re-Care, binnen de interculturele behandelcentra jeugd en volwassenen, zet ik me in voor de geestelijke gezondheidszorg van mensen met een migratieachtergrond.
Doelen stellen rondom seksueel misbruik
In mijn werk kom ik regelmatig in aanraking met overlevers van seksueel misbruik. Tijdens deze therapie trajecten merk ik vaak dat ik het stellen van doelen een mooi en natuurlijk proces is. Door samen te kijken naar de huidige situatie, naar de invloed van het seksueel misbruik toen en nu en naar wat de overlever anders zou willen in de toekomst, lukt het om passende doelen op te stellen. In dit proces spelen psycho-educatie en verkennende interventies als ‘het levenswiel‘ – een interventie waarin er gekeken wordt naar de invloed van het misbruik op de verschillende levensgebieden – een belangrijke rol.
Weerstand rondom eigen regie nemen
Na het stellen van de doelen ligt er echter regelmatig een blokkade op de weg. De overlever wil werken aan de doelen, maar er ontstaat weerstand als de overlever wordt uitgenodigd om zelf de regie te pakken in zijn/haar proces. Als ze bijvoorbeeld worden gevraagd om zelf keuzes te maken over hoe ze aan de doelen willen werken, over hoe de afspraken eruit gaan zien en in welke frequentie zij de afspraken willen. (Schweizer, C. (2009). Opstellen van het behandelplan. In Handboek beeldende therapie (pp. 164–165). Bohn Stafleu van Loghum.)
De verschillende culturele visies op zorg
In sommige gevallen heeft dit ook verband met de culturele achtergrond van de overlever. Er zijn veel niet-westerse landen waar de geestelijke gezondheidszorg anders vorm gegeven is dan in Nederland. Het kan bijvoorbeeld gebruikelijk zijn dat de dokter/therapeut bepaalt wat er gaat gebeuren en dan wordt er van patiënten en cliënten verwacht dat zij de adviezen trouw opvolgen en geen eigen initiatief tonen. Om zicht te krijgen op welke opvattingen de overlever over gezondheidszorg heeft meegekregen/gevormd kan het helpend zijn om aan het begin van het traject het cultureel interview af te nemen. (Van Dijk, R., Beijers, H. & Groen, S. (red.)(2012). Het Culturele Interview – In gesprek met de hulpvrager over cultuur en context Deel 1: Praktijkervaringen (pp. 28-29). Utrecht: Pharos. )
Het belang van eigen regie in therapie voor overlevers
Bij seksueel misbruik is er altijd sprake van ‘gedwongen worden tot‘. Naast dwang tot seksuele handelingen, kan er bij structureel misbruik ook dwang zijn om het stil te houden of om op een bepaald moment op een bepaalde plek te zijn. Een belangrijk kenmerk van dwang is dat de ander de macht heeft, de ander bepaalt, kiest wat er gebeurt en wat jij moet doen. Dit zorgt ervoor dat overlevers van seksueel misbruik vaak een ingewikkelde relatie met zelf de regie hebben. (Meeuwsen, I. (2015). Helen van seksueel misbruik (5de editie)) Dat kan twee kanten op werken. Het kan zorgen voor een grote behoefte aan eigen regie, die zich bijvoorbeeld uit in controledrang. Maar het kan er ook voor zorgen dat de behoefte aan zelfregie onderdrukt is, wat zich bijvoorbeeld uit in het klakkeloos willen volgen van een ander (de therapeut) en aangeleerde hulpeloosheid.
Eigen regie en beeldende therapie
Beeldende therapie is een ervaringsgerichte behandelvorm. In het beeldend werk kan de overlever oefenen met keuzes maken, onderzoeken wat wel en niet prettig voelt en ervaren hoe het is om zelf te bepalen wat en hoe hij/zij iets maakt (Smeijsters, H. (2018) Handboek creatieve therapie (3de editie) Coutinho). Daarnaast krijgt de cliënt regie over hoe het contact met de therapeut eruitziet. Door deze elementen doet de overlever in beeldende therapie een nieuwe ervaring op. Een ervaring die ingaat tegen het seksueel misbruik waarbij de overlever niet mocht kiezen en geen regie had over eigen lichaam en leven.
De eigen routekaart
Naar aanleiding van de basisopleiding ‘Hulp bieden na seksueel misbruik’ heb ik de werkvorm ‘De eigen routekaart’ ontwikkeld. Deze werkvorm kan worden ingezet nadat de doelen zijn opgesteld. De werkvorm sluit vooral aan op overlevers van seksueel misbruik die weerstand laten zien als ze worden uitgenodigd om de regie te pakken over hun eigen proces.
Hoe werkt de eigen routekaart?
De eigen routekaart staat hieronder uitgebreid beschreven, met per stap een korte onderbouwing. Daarnaast is er ook een filmpje met een verkorte uitleg aan de hand van een voorbeeld. De werkvorm kan ook worden ingezet als de overlever juist veel regie wil hebben. De eigen routekaart biedt vertrouwen, houvast en overzicht.
Benodigdheden: papier A2 formaat, stiften/potloden, 3D materiaal (denk aan: klei, karton, ijsstokjes, kurk, piepschuim).
Duur: 1-3 uur (gemiddeld 2 sessies)
Stap 1: Doelen op de kaart zetten
De cliënt mag eerst de doelen in kernwoorden of in tekeningen aan de rechterkant van het papier zetten (of als de cliënt van rechts naar links leest, aan de linkerkant).
Het visualiseren van de doelen kan overlevers helpen om meer grip geven op hun doelen (Schweizer, C. (2009). Handboek beeldende therapie: uit de verf. Bohn Stafleu van Loghum.). Daarnaast kan het de therapeut inzicht geven in hoe de overlever zich verhoudt tot de verschillende doelen. (Curtis, E. K. (2011). Understanding Client Imagery in Art Therapy. Journal of Clinical Art Therapy, 1(1), 9-15, retrieved from: Digital commons)
Stap 2: Brainstormen over middelen
De cliënt bedenkt, samen met de therapeut middelen, die bij kunnen dragen aan de doelen. Ga hierover brainstormen. Voorbeelden van middelen zijn: oefeningen, materialen of thema’s zijn. Deze mogen door de cliënt in het midden van het papier worden geschreven/getekend. De therapeut biedt bij dit onderdeel zoveel ondersteuning als nodig is, zodat de cliënt meerdere opties heeft.
Door overlevers zelf na te laten denken over middelen, worden ze nauwer betrokken bij het proces. Door deze stap samen te doen en structuur en kennis te delen als therapeut, kan een overlever zich gesteund voelen. (Schweizer, C. (2009). Opstellen van het behandelplan. In Handboek beeldende therapie (pp. 164–165). Bohn Stafleu van Loghum.) Naast dat overlevers hiermee meer betrokken worden bij de regie over het hulpverleningsproces, krijgen zij meer inzicht in welke aspecten een rol spelen in het behalen van de doelen. Zij ervaren dat zij de uiteindelijke keuzes maken over wat en hoe het op papier komt. Dit kan het gevoel van eigen regie mogen en kunnen pakken aanwakkeren, terwijl door de ondersteuning van de therapeut de de drempel laag blijft.
Stap 3: Een startpunt kiezen
De cliënt mag nu zelf een startpunt kiezen. Hierbij kan ook uitgevraagd worden of er één startpunt is of dat het per doel verschilt.
In dit stadium kan er erkenning worden gegeven aan de stappen die de overlever al gezet heeft. Dit is belangrijk, omdat na het seksueel misbruik gevoelens als schaamte, zelfverachting of zelfhaat kunnen overheersen. Dit kan in de weg kan staan van trots en voldoening kunnen/mogen voelen. (Meeuwsen, I. (2015). Helen van seksueel misbruik (5de editie))
Stap 4: Een voertuig maken
De cliënt mag een voertuig maken dat passend is voor wat hij/zij verwacht nodig te hebben op deze tocht. Hierbij kun je verdiepend vragen vanuit de Feiten, Gevoelens, Betekenis-methode (FGB). Bijvoorbeeld: Voor welke mensen is er plek? (F) Hoe zou je je voelen als je hierin zou zitten en op reis zou gaan? (G) Wat maakt dat je dit voertuig gekozen hebt? (B).
Het voertuig is een symbolisch werkstuk, wat de overlever uitnodigt om na te denken over wat hij/zij verwacht van het traject en om na te denken over eigen behoeftes. (Smeijsters, H. (2018). Handboek creatieve therapie (3de editie). Coutinho). Tijdens het seksueel misbruik was er geen ruimte voor de behoeftes van het slachtoffer en het kan spannend zijn om weer over eigen behoeftes na te denken. (Meeuwsen, I. (2015). Helen van seksueel misbruik (5de editie)) Door dit werkstuk wordt de vraag indirect gesteld, dit kan het veiliger en minder spannend maken. Hierdoor kan er ook een succeservaring ontstaan met het verkennen van eigen behoeftes (Smeijsters, H. (2018). Handboek creatieve therapie (3de editie). Coutinho).
Stap 5: Een route uitstippelen
De cliënt mag een route uitstippelen naar de doelen. Deze route wordt vastgelegd en dit zal de basis vormen voor de behandeling. De cliënt krijgt ook duidelijk de boodschap mee dat die route gedurende het traject altijd aangepast mag worden, bijvoorbeeld wanneer hij/zij een bepaald thema opnieuw wil aankaarten of iets wil veranderen in de volgorde.
Door het doorlopen van de eerdere stappen is deze laatste stap toegankelijk gemaakt en heeft de overlever een beeld van hoe het therapietraject eruit gaat zien. Voor overlevers van seksueel misbruik kan het voelen alsof een doel onbereikbaar ver weg is. Door de tussenstappen in beeld te brengen wordt het behapbaarder en kan er voorzichtig vertrouwen ontstaan. Een overlever ervoor kiezen om te beginnen met wat hij/zij het gemakkelijkst vindt en zo stapjes richting de moeilijkere onderdelen zetten of juist beginnen met waar hij/zij het meest tegenop ziet. Door zelf de route uit te stippelen, ervaart de overlever regie.
Referentiekader in beeld
De eigen routekaart leent zich later in de therapie ook goed als referentiekader, waar op terug kan worden gekeken: “Hier begon je, waar ben je nu?” Welke doelen zijn al bereikt? Zijn er doelen bijgekomen, aanvullingen in de middelen mogelijk en nodig? Kun je al ergens een krul doorheen zetten?
De overlever is de expert
Met deze werkvorm wordt de basis gelegd om in de behandeling de overlever van seksueel misbruik in zijn of haar eigen kracht te zetten en de regie te laten pakken. Van daaruit kun je de overlever erkennen in zijn of haar expert-status. Zij hebben de ervaringen opgedaan en het seksueel misbruik meegemaakt. Zij kennen het beter dan hun therapeut. Daarom is het belangrijk dat therapeuten de overlevers niet alleen ondersteunen, maar ook volgen, zo kan er ruimte ontstaan voor een helend proces.
Review
Hieronder mijn review van de basisopleiding hulp bieden na seksueel misbruik.